'En dan zijn er woorden, ineens, je weet niet hoe het kan dat ze uit je vingers glippen en zinnen gaan zingen.'

Een gewond boek

Op vrijdag 20 november 1981 zat ik ’s avonds in de trein van Venlo naar Nijmegen, waar ik even in mijn studentenkamer moest zijn. Ik zou daarna doorreizen naar Amsterdam om het weekend door te brengen bij Vriend Jan. Onderweg naar Nijmegen zat ik te lezen in de verhalenbundel De schuiftrompet van C.C.S. Crone.

Plotseling, zonder duidelijke aanleiding, schokte de trein en leek hij voort te hobbelen over de bielzen. De wagon waar ik in zat en de wagon direct achter mij begonnen te scharen: ze vormden samen als het ware een grote V. In het scharnierpunt brak de wand met knarsende geluiden, een raam sprong kapot, en ik kreeg stof, fragmenten van de kunststof wand en stukjes glas over me heen. Het licht viel uit. ‘O, mijn kinderen!’ riep een vrouw ergens schuin achter me. Het begon te ruiken naar diesel.

We stonden stil. Met een groepje passagiers liep ik naar de dichtstbijzijnde uitgang, maar de automatische deur was niet meer open te krijgen. Iemand kwam op het idee om naar voren te gaan, misschien konden we bij de locomotief uit de trein komen. Dat lukte, en langs het spoor liepen we als een groepje vluchtelingen in de richting van station Venray, niet meer dan een meter of vijftig verderop. Daar, op het perron, zag ik een jongen die aan iedereen het omslag van De schuiftrompet liet zien. ‘Is iemand dit boek kwijt?’ vroeg hij. Ik had het uit mijn handen laten vallen en er waren passagiers overheen gelopen, misschien ikzelf ook. Korrels glas hadden zich in de kaft geboord.

Alle reizigers werden per bus naar een politiebureau gebracht. Een medische mevrouw informeerde naar pijn of bloedingen. Een man had zijn pink gebroken en kreeg hulp, later vervolgde hij met zijn omzwachtelde hand per taxi de reis naar Nijmegen. Of er meer mensen in de auto mee zijn gegaan, herinner ik me niet. Ik wachtte tot er een trein uit Nijmegen in Venray arriveerde, die daarna direct weer terugging naar Nijmegen. Op het politiebureau had ik een paar telefoontjes gepleegd. In Amsterdam zou Vriend Jan mij met de auto komen afhalen op het Centraal Station.

In de sneltrein van Nijmegen naar Amsterdam hing die late avond een sfeer van saaiheid en slaperigheid. Het leek wel of iedereen aan het wegdutten was terwijl ik niets liever wilde dan door de hele coupé roepen: ‘Ik heb net een ongeluk meegemaakt!’

Op zaterdag 21 november liep ik met Vriend Jan mee in de grote vredesdemonstratie op het Museumplein, want we waren tegen kernraketten. In mijn rechter jaszak voelde ik een korreltje glas van de treinruit. Nog jaren heb ik het bij me gedragen, ik weet niet goed waarom. Misschien had ik de illusie dat het beschermde tegen onheil, al zou ik verkondigers van die theorie niet snel geloven. De schuiftrompet van C.C.S. Crone staat nog in mijn boekenkast. Soms ga ik met een vinger langs de putjes in het omslag en vraag ik me af wat het lot van dit boekje zal zijn als ik er niet meer ben.

De treinstellen met hun deuken en kapotte ramen passeerde ik in de maanden na het ongeluk een paar keer. Ze stonden op een zijspoor, goed zichtbaar voor alle treinreizigers, als monumenten. Het leek of de Nederlandse Spoorwegen de herinnering aan het ongeluk levend wilden houden. Vlak voor station Venray moeten in die tijd veel glaskorreltjes, honderden of misschien wel duizenden, tussen de bielzen hebben gelegen. Misschien liggen ze er nog steeds.

Januari 2026


Meer colums

Dichtbundels

Bekijk hier het complete overzicht van de dichtbundels van Jos Versteegen en maak kennis met de verhalen achter zijn werk. Lees verder

Biografieën

Lees meer over de biografieën die Jos Versteegen heeft geschreven. Lees verder

Vertalingen

Bekijk de vertalingen van Jos Versteegen. Lees verder

Bloemlezingen

Bekijk de bloemlezingen van Jos Versteegen. Lees verder

Naslagwerken

Bekijk de naslagwerken van Jos Versteegen. Lees verder